Uw zoekacties: -

Het adresboek van Zeist, De Bilt en Bilthoven

beacon
1 records
 
 
Erfgoedstuk
Adresboekpagina
NL-ZtGAZ_9001-19_1929_0458 -
Titel:
Het adresboek van Zeist, De Bilt en Bilthoven
Beheerder:
Gemeentearchief Zeist
Jaar:
1929
Pagina:
458
F a L.GADELLAA
Voorheuvel 37 Zeist Tel. 68 en 308
"
16
ren op, welke daarna door hen wor- den invordeibaar verklaard. De artt. 2—7 zijn hierop van toe- passing. Art. 9. Na het vervallen van den laatsten termijn voor de betaling van deze belasting, bedoeld bij art. 260 der Gemeentewet, doet de gemeente- ontvanger aan Burgemeester en Wet- houders binnen een door hen te be- palen tijd een staat toekomen van de posten, welke nog niet zijn ingekomen, met een verslag van hetgeen door hem ter invordering is gedaan. Burgemeester en Wethouders ver- klaren die posten hierop oninvorder- baar. Dit besluit ontheft den gemeente- ontvanger van verdere pogingen tot invordering. Deze verordening is in werking ge- treden op 1 Mei 1927.
Kon. Ned. Meterologisch Instituut te de Bilt. Het Reglement, vastgesteld bij Kon. Besluit van 13 Augustus 1906 Staats- blad No. 220, bevat o.m. het volgende: Het Instituut heeft ten doel het onderzoek der natuurkundiga verschijn- selen in den dampkring en aan de oppervlakte der aarde, zoowel te land als ter zee, alsmede om de uitkomsten der onderzoekingen en de daarop be- trekking hebbende wetenschappen dienstbaar te maken aan scheepvaart- landbouw- en andere belangen. De vaste dienst van het Instituut omvat: le. het verrichten, verzamelen en be- werken van weerkundige magne- tische en seismologische waarne- mingen van de observatoria en de stations; 2e. het bevorderen, verzamelen en bewerken van waarnemingen elders hier te lande verricht; 3e. het bevorderen, verzamelen en be werken van waarnemingen ter zee; 4e. het zenden van stormwaarschu- wingen; 5e. het samenstellen van mededeelin- gen omtrent de bestaande en de te verwachten weersgesteldheid en
het verkrijgbaar stellen van deze weerberichten tegen een door den minister van Waterstaat te bepa- len vergoeding (abonnement da- gelijksch weerkaartje f 7.50 per jaar); 6e. het verifieeren van instrumenten betrekking hebbende op meteoro- logie en aanverwante wetenschap pen ten behoeve van de Regeering, en, voor zoover dit voor een we- tenschappelijk doel wordt ver- zocht, ook ten behoeve van parti- culieren; 7e. het op aanvrage geven van inlich- tingen aan belanghebbenden om trent de onder le en 6e genoemde onderwerpen. De Minister van Waterstaat be- paalt het aantal en de taak der afdeelingen van het Instituut. On der het Instituut resorteeren de gemeentelijke filiaal-inrichtingen te Amsterdam en te Rotterdam, die meer in het bijzonder ten doel hebben dagelijks vereischte gegevens te ver- schaffen aan de scheepvaart. Voorts behooren tot het Instituut de stations voor meteoroligische waarnemingen te Helder, Groningen, Vlissingen en Maastricht. Het rechtstreeksch toezicht over het Instituut is opgedragen aan een College van Curatoren, waarvan leden: Dr. E. van Wederen baron Rengers, IJsbrechtuim; G. F. Tyde- ma, 's-Gravenlhage; de Inspecteur- Generaal van den Rijkswaterstaat in de tweede Inspectie te 's-Graven- hage; Dr. J. D. v. d. Waals; Secreta- ris: Prof. Dr. D. van Gulik te Wage- ningen.
Hoofddirecteur: Prof. Dr. E. van Everdingen te de Bilt; Directeuren: Dr. C. Braak en Dr. G. van Dijk; Ad- junct-Directeuren: Dr. C. Schoute, P. M. van Riel, Dr. H. G. Cannegieter en H. Keijser, Secretaris: W. Wolthers; Adj.-Secretaris: H. Prins. Eerste Ob- servatoren: C. van Dorssen Czn., G. P. van Zutphen, G. C. v. Riet; Obser- vatoren-radiotelegrafist 2e klasse: C. I.
Voorbeeld : Klik op de tekst voor meer