Ruud Enthoven vertelt over vroeger: Verzetsactie bij Den Dolder
Ruud Enthoven, geboren op 11 november 1925 in Nederlands-Indië, woonde tijdens de Tweede Wereldoorlog in Bilthoven en was actief in het verzet. In dit artikel deelt hij zijn herinneringen als onderdeel van de mondelinge geschiedenis van Zeist.
Mondelinge geschiedenis, ook wel oral history genoemd, is een manier om het verleden vast te leggen aan de hand van persoonlijke herinneringen. Mensen vertellen hun eigen ervaringen in een gesprek, waardoor verhalen bewaard blijven die niet altijd in officiële documenten staan. Deze herinneringen kunnen soms afwijken van bekende feiten, omdat ze gebaseerd zijn op wat iemand zelf heeft meegemaakt.
Jeugd en eerste oorlogsjaren
Ruud groeide op in Bilthoven in een groot gezin. In huis woonden naast zijn ouders en broer en zussen ook familieleden en kostgangers. Het gezin leefde in een brede sociale kring waarin politiek en gebeurtenissen wel werden besproken, maar voorzichtig. “Je praatte langs de rand,” zegt hij.
In het begin van de oorlog leek veel nog spannend. Met vrienden ging hij kijken naar Duitse troepen die over de wegen trokken. Maar al snel veranderde dat beeld. De oorlog werd ernstiger en het dagelijks leven werd onveiliger.
Ruud zat op school en studeerde later bouwkunde. Zijn omgeving en opvoeding speelden een rol in zijn latere keuze om in het verzet te gaan.
Verzet en sabotage
Ruud werd gevraagd voor het verzet via mensen die hij kende en vertrouwde. Hij begon met het verspreiden van illegale krantjes, gebaseerd op berichten van Radio Oranje. Dat werk was gevaarlijk en moest zorgvuldig gebeuren.
Later deed hij mee aan sabotageacties. Hij werkte met explosieven en hielp om Duitse transporten te verstoren. Zo werden bijvoorbeeld munitietransporten aangevallen. Dat gebeurde vaak ’s nachts, vanuit dekking langs de weg.
Wapens en explosieven werden onder andere verborgen op terreinen waar Duitsers niet graag kwamen, zoals sanatoria met besmettelijke ziekten. Ook vervoerde hij wapens en berichten, soms met de trein en onder risico van controle.
Een van de belangrijkste acties vond plaats begin april 1945 bij de Soestdijkseweg. Daarbij kwam een Duitse soldaat om het leven. De gevolgen waren zwaar. Als vergelding werden tien gevangenen gefusilleerd. “Dat blijft een moeilijke herinnering,” zegt Ruud.
Einde van de oorlog en daarna
Tegen het einde van de oorlog moest Ruud onderduiken. Hij verbleef onder andere in de Biesbosch, waar hij hielp geallieerde piloten te begeleiden. Ook zorgde hij voor voedsel, soms met behulp van valse documenten.
Reizen over water en land waren gevaarlijk en soms ging het mis. Toch lukte het vaak om mensen veilig verder te helpen.
Na de oorlog vertrok Ruud naar Engeland, waar hij diende in het Britse leger. Later ging hij in Nederlandse dienst naar Nederlands-Indië. Daarna bouwde hij een leven op als architect.
Hij kijkt terug op een periode met ingrijpende gebeurtenissen. De herinneringen aan het verzet en de gevolgen daarvan zijn hem altijd bijgebleven.