Wasserijen in Zeist
Wassen was begin vorige eeuw een tijdrovende bezigheid. Maandag was traditioneel de wasdag. Op zondag ging de was in de ketel, die op een petroleumstel of op het fornuis aan de kook werd gebracht. Vervolgens werd ze met behulp van een wasbord in een teil geschrobd. Daarna werd de was gespoeld en door de wringer gehaald. Vervolgens werd het wasgoed opgehangen of op de bleek te drogen gelegd. Tenslotte moest alles worden gestreken.
Wassen was voor de vrouwen zwaar huishoudelijk werk en vooral in de winter hebben velen hierbij een longontsteking opgelopen. Vaak met dodelijke afloop. Daarom lieten, omstreeks 1940, veel bedrijven en huishoudens hun was door een wasserij verzorgen.
Wasserijen in Zeist
In Zeist waren in 1926 acht wasserijen gevestigd:
- Burger aan de Noordweg,
- Van ’t Voort aan de Emmastraat,
- Van Calker aan de Koppeldijk,
- Hoogstraten aan de Voorheuvel,
- Van Melsen aan de Kroostweg,
- Versteeg aan de Emmastraat,
- Top aan de Van Doornweg en
- Van de Voort aan de Koppelweg.
Zij verschaften in die tijd aan ruim tweehonderd mensen werk. Het aantal wasserijen toont ook aan dat de levensstandaard in Zeist hoog was.
Wasserij Burger hofleverancier
Wasserij Burger was van deze met 103 arbeiders de grootste. In 1934 had Burger zelfs 250 man personeel in dienst. Het bedrijf was in 1889 opgericht en groeide uit tot het grootste op dat gebied. Bijzonder trots was men dat men Paleis Soestdijk tot klant mocht rekenen. In 1930 werd aan ‘N.V. Stoomwasscherij en Strijkinrichting, voorheen W.G. Burger’ vergunning verleend het Koninklijk Wapen te voeren met de titel van Hofleverancier.
Wasserettes in de jaren '60
Het was begin jaren zestig van de vorige eeuw blijkbaar een trend. Op de Slotlaan, op de Voorheuvel en aan de Dwarsweg openden in 1962-1963 binnen een paar maanden drie wasserettes hun deuren. De wasproblemen en droogproblemen van de huisvrouwen zouden volgens de reclames hierdoor radicaal worden opgelost. De wasdag was natuurlijk nooit een feest geweest voor de huisvrouwen.
Bendix Launderette
Van de zelfbedieningswasserij ‘Bendix-Launderette’ aan de Voorheuvel 18 van de N.V. Wastora, een onderdeel van het toentertijd bekende levensmiddelenconcern Simon de Wit, zit in de fotocollectie van het Gemeentearchief Zeist een foto. In deze wassalon stonden twaalf wasmachines, twee centrifuges en drie drogers. De hypermoderne installaties zorgden ervoor dat de was in een mum van tijd schoon en kastdroog was. Aan het publiek werd uitgelegd dat in de wasautomaten vier kilo wasgoed gestopt kon worden. Dat een ingenieus systeem ervoor zorgde dat het wasgoed werd voorgeweekt en dat het weeksop werd weg gecentrifugeerd. Het eigenlijke wasproces duurde een half uur. ‘Terwijl de machine het werk doet kunnen de dames (of de heren) uitrusten in de prettig zittende stoeltjes of boodschappen gaan doen.’ Er werd alles aan gedaan om het de (vrouwelijke) klanten zo aangenaam mogelijk te maken. Er lagen damesbladen, men kon naar de radio luisteren of televisie kijken. Uit een automaat kon men een kopje koffie of chocola nemen.
Na tien jaar was de wasserette aan de Voorheuvel alweer verleden tijd.
Zelf wassen
De wasindustrie is uit Zeist verdwenen – en daarmee de hoge fabrieksschoorstenen. Wasserij Burger werd in 1971 verkocht aan het concern Blijdestein Willink N.V. te Enschede. In 1984 werd Lips Textielservice B.V. eigenaar. De Deense moedermaatschappij beëindigde in 1999 het bedrijf aan de Noordweg.
De teloorgang van de wasindustrie hangt samen met het populairder worden van zelf wassen. Sinds 1890 bestonden al wasmachines, maar het duurde tot de zestigerjaren voordat ze een plek kregen in het huishouden. Dat kwam o.a. door de moderne vormgeving van de wasmachines. Een metalen en blinkende wasmachine werd opeens een statussymbool. Op zaterdag draaien nu meestal de wasmachines.
Door: R.P.M. Rhoen
Bronnen
- V.A.M. van der Burg, Wasserij Burger te Zeist. Seijst. Nr. 2 (1980) p. 29 e.v.
- V.A.M. van der Burg en R.P.M. Rhoen, Bedrijven met de predikaten ‘Koninklijk’ en Hofleverancier. Seijst. Nr. 3/4 (2002) p. 67 e.v.